<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>80% regel | Pension Architects</title>
	<atom:link href="https://www.pensionarchitects.be/en/tag/80-regel/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.pensionarchitects.be/en</link>
	<description>Een klare kijk op aanvullende pensioenen</description>
	<lastBuildDate>Tue, 28 Nov 2023 10:03:02 +0000</lastBuildDate>
	<language>en-US</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=6.9</generator>
	<item>
		<title>De Kamer: Vraag nr. 814 &#8211; 80%-regel</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2014/05/de-kamer-vraag-nr-814-80-regel/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Anouk Kempeneer]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 13 May 2014 09:42:58 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Parlementaire vraag]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<category><![CDATA[aanvullend pensioen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=2780</guid>

					<description><![CDATA[<p>Vraag nr. 814 van de heer volksvertegenwoordiger Wouter De Vriendt van 19 maart 2014 (N.) aan de minister van Financiën, belast met Ambtenarenzaken: Aanvullende pensioenen in de tweede pijler. &#8211; Werkgeversbijdragen. &#8211; Evaluatie van de 80 %-regel en het plafond op de fiscale aftrekbaarheid. In het federale regeerakkoord was sprake van de volgende maatregelen: &#8220;De [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2014/05/de-kamer-vraag-nr-814-80-regel/">De Kamer: Vraag nr. 814 – 80%-regel</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p style="margin-bottom: 0cm; line-height: 100%;"><span style="font-family: serif;"><span style="font-size: small;"><b>Vraag nr. 814 van de heer volksvertegenwoordiger Wouter De Vriendt van 19 maart 2014 (N.) aan de minister van Financiën, belast met Ambtenarenzaken:</b></span></span></p>
<p style="margin-bottom: 0cm; line-height: 100%;"><span style="font-family: serif;"><span style="font-size: small;">Aanvullende pensioenen in de tweede pijler. &#8211; Werkgeversbijdragen. &#8211; Evaluatie van de 80 %-regel en het plafond op de fiscale aftrekbaarheid.</span></span></p>
<p style="margin-bottom: 0cm; line-height: 100%;"><span style="font-family: serif;"><span style="font-size: small;">In het federale regeerakkoord was sprake van de volgende maatregelen:</span></span></p>
<p style="margin-bottom: 0cm; line-height: 100%;"><span style="font-family: serif;"><span style="font-size: small;">&#8220;De regering zal de fiscale 80 %-regel evalueren om er de perverse gevolgen van bloot te leggen (het aandikken van de bezoldiging op het einde van de loopbaan om het hoogste fiscale voordeel te kunnen genieten, rekenfouten door een verkeerde evaluatie van het wettelijk pensioenbedrag bij een gemengde loopbaan, &#8230;) en die te vermijden.&#8221;</span></span></p>
<p style="margin-bottom: 0cm; line-height: 100%;"><span style="font-family: serif;"><span style="font-size: small;">&#8220;De voor de tweede pensioenpijler gestorte bijdragen zullen maar fiscaal aftrekbaar zijn (in het kader van de 80 %-regel) indien ze recht geven op een aanvullend pensioen dat, bij het wettelijk pensioen samengevoegd, het niveau van het hoogste overheidspensioen niet overschrijdt.&#8221;</span></span></p>
<p style="margin-bottom: 0cm; line-height: 100%;"><span style="font-family: serif;"><span style="font-size: small;"><a href="http://www.pensionarchitects.be/wp-content/uploads/2014/05/vraag_814.pdf">vraag_814</a></span></span></p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2014/05/de-kamer-vraag-nr-814-80-regel/">De Kamer: Vraag nr. 814 – 80%-regel</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Aftrekbaarheid aanvullend pensioen en de 80%-grens</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2011/03/aftrekbaarheid-aanvullend-pensioen-en-de-80-grens/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 15 Mar 2011 07:38:50 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vakpers]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=1706</guid>

					<description><![CDATA[<p>Tussen een onderneming en wijlen haar gedelegeerd bestuurder werd er een onderhands ‘pensioencontract’ afgesloten. Dit voorzag in de toekenning vanaf de beëindiging van zijn mandaat, van een maandelijks pensioen. Na het overlijden van de man, werden de pensioenbedragen aan zijn weduwe uitgekeerd. De fiscale administratie heeft het verschil tussen het aan de weduwe toegekende brutopensioen [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2011/03/aftrekbaarheid-aanvullend-pensioen-en-de-80-grens/">Aftrekbaarheid aanvullend pensioen en de 80%-grens</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Tussen een onderneming en wijlen haar gedelegeerd bestuurder werd er een onderhands ‘pensioencontract’ afgesloten. Dit voorzag in de toekenning vanaf de beëindiging van zijn mandaat, van een maandelijks pensioen. Na het overlijden van de man, werden de pensioenbedragen aan zijn weduwe uitgekeerd. De fiscale administratie heeft het verschil tussen het aan de weduwe toegekende brutopensioen en het maximumbedrag van de geïndexeerde renten bij toepassing van artikel 59 WIB92 als niet aftrekbare pensioenen en pensioenbijdragen verworpen.</p>
<p>Krachtens artikel 59, eerste lid, WIB92 bepaald de voorwaarden waaronder werkgeversbijdragen voor aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood als beroepskosten worden aangemerkt. Zo moeten ze definitief worden gestort aan een in België gevestigde verzekeringsonderneming of instelling voor sociale voorzieningen en zijn pensioenen, renten of als zodanig geldende toelagen slechts als beroepskosten aftrekbaar in zover ze niet meer bedragen dan hetgeen door storting van bijdragen als bedoeld in artikel 59 WIB92, zou zijn verkregen. De voormelde aftrekbeperking houdt in dat de pensioenen enz. slechts aftrekbaar zijn in de mate dat de wettelijke en extrawettelijke toekenningen naar aanleiding van de pensionering uitgedrukt in jaarlijkse renten, waarvan een indexering is toegelaten, niet meer bedragen dan 80% van de laatste normale bruto jaarbezoldiging (artikel 34 KB/WIB ’92) en worden berekend naar de normale duur van een beroepswerkzaamheid (artikel 34 KB/WIB ’92).</p>
<p>Het Hof van Beroep stelt vast dat de fiscale administratie niet betwist dat de in artikel 59 WIB92 gestelde beperking tot 80% in principe eveneens van toepassing is met betrekking tot de pensioenen die door een onderneming aan de rechtverkrijgenden van gewezen personeelsleden worden toegekend. Er dient eerst onderzocht te worden of de aftrekbeperking wel degelijk correct en in overeenstemming met artikel 59 WIB92 werd en wordt toegepast. Uit geen enkel stuk van het administratief dossier blijkt dat dit wettigheidtoezicht door de administratie werd uitgevoerd. Het behoort dat partijen hieromtrent standpunt zouden innemen en alle stukken, die dergelijk wettigheidtoezicht zouden moeten toelaten uit te voeren, zouden overleggen. Het Hof van Beroep heropent de debatten teneinde partijen toe te laten conclusies op te stellen omtrent de toepassing va de aftrekbeperking tot 80%.</p>
<p>Antwerpen, 18 mei 2010, Fiscalnet 29 september 2010.</p>
<p>Bron: Leergang Pensioenrecht 2010-2011, nieuwsbrief nr. 2</p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2011/03/aftrekbaarheid-aanvullend-pensioen-en-de-80-grens/">Aftrekbaarheid aanvullend pensioen en de 80%-grens</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Regel 80% en pensioentoezeggingen</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2010/10/regel-80-en-pensioentoezeggingen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 05 Oct 2010 16:16:50 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Circulaire belastingadministratie]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=1599</guid>

					<description><![CDATA[<p>Als een zelfstandig zaakvoerder bezoldigd wordt door twee vennootschappen en bij beide geniet van pensioentoezeggingen, kan de verzekeringsonderneming, die optreedt als “pensioeninstelling”, bij de berekening van de 80%- begrenzing ex artikel 59, §1, 2° WIB92 ten behoeve van het attest af te leveren voor één van de vennootschappen, diens wettelijk pensioen omdelen in functie van [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/10/regel-80-en-pensioentoezeggingen/">Regel 80% en pensioentoezeggingen</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Als een zelfstandig zaakvoerder bezoldigd wordt door twee vennootschappen en bij beide geniet van pensioentoezeggingen, kan de verzekeringsonderneming, die optreedt als “pensioeninstelling”, bij de berekening van de 80%- begrenzing ex artikel 59, §1, 2° WIB92 ten behoeve van het attest af te leveren voor één van de vennootschappen, diens wettelijk pensioen omdelen in functie van de verhouding tussen de bruto jaarbezoldiging in vennootschap A over de totale bruto jaarbezoldiging in beide ondernemingen.</p>
<p>Het VAPZ, in de zin van artikel 45 van de Programmawet (I) van 24 december 2002, moet voor deze berekening als extrawettelijk pensioen in rekening worden gebracht. Ook hier kan de verzekeringsmaatschappij het VAPZ omdelen in functie van de verhouding tussen de bruto jaarbezoldiging in de vennootschap A over de totale bruto jaarbezoldigingen in beide ondernemingen.</p>
<p>Bij de berekening van de 80%-regel met betrekking tot het attest dat hij ingevolge artikel 35, § 5, eerste lid, KB/WIB 92 aflevert bij de onderschrijving van een individuele pensioentoezegging voor één van de vennootschappen, mag rekening gehouden worden met het wettelijk pensioen en het VAPZ van de begunstigde, beperkt tot het proportioneel deel van de door deze vennootschap aan de begunstigde uitgekeerde bruto jaarbezoldigingen in de totale bruto jaarbezoldigingen van beide vennootschappen.</p>
<p>Bron: Leergang Pensioenrecht 2010-2011, nr. 1, 15 september 2010</p>
<h1><span id="more-1599"></span>Voorafgaande beslissing nr. 2010.032 dd. 27.04.2010</h1>
<p><em>Vennootschapsbelasting</em></p>
<p><em>Individuele pensioentoezegging</em></p>
<p><em>Bezoldiging</em></p>
<h1>Samenvatting</h1>
<p>Bij de berekening van de 80%-regel bedoeld in artikel 59, §1, 2°, WIB 92, kan de verzekeraar met betrekking tot het attest dat hij ingevolge artikel 35, § 5, eerste lid, KB/WIB 92 aflevert bij de onderschrijving van een individuele pensioentoezegging voor de vennootschap A, rekening houden met het wettelijk pensioen en het VAPZ van de heer Y, beperkt tot het  proportioneel deel van de door de vennootschap A aan de heer Y uitgekeerde bruto jaarbezoldiging in de totale bruto jaarbezoldigingen van de heer Y uit de vennootschap A en de vennootschap B.</p>
<h2>I.        Voorwerp van de aanvraag</h2>
<p>1.              De aanvraag strekt ertoe te vernemen of bij het attest bedoeld in artikel 35, § 5, eerste lid, van het KB/WIB 92, af te leveren door X bij de onderschrijving van een individuele pensioentoezegging door de vennootschap A ten behoeve van haar bedrijfsleider de heer Y, voor de toepassing van de 80%-regel bedoeld in artikel 59 van het WIB 92, het wettelijk pensioen en het vrij  aanvullend pensioen als zelfstandige mogen worden beperkt tot het proportioneel deel van de door de vennootschap A uitgekeerde bezoldigingen in de totale bruto jaarbezoldigingen van de heer Y uit de vennootschap A en de vennootschap B.</p>
<p><strong><span style="text-decoration: underline;"> </span></strong></p>
<p><strong>II. </strong> <strong>Beschrijving van de verrichting</strong></p>
<p><strong> </strong></p>
<p>2.              X is een verzekeringsonderneming die in het kader daarvan ook optreedt als &#8220;pensioeninstelling&#8221;, ter uitvoering van individuele en collectieve pensioentoezeggingen van werkgevers ten voordele van hun personeelsleden en van vennootschappen in het voordeel van hun bedrijfsleiders.</p>
<p>3.              Vennootschap A is zinnens bij X een individuele pensioentoezeggingsverzekering af te sluiten in het voordeel van haar regelmatig en minstens maandelijks bezoldigde niet &#8211; statutaire zaakvoerder, de heer Y.</p>
<p>4.              Deze laatste is eveneens zaakvoerder van de vennootschap B, waar hij is aangesloten in de groepsverzekering, die werd toegezegd aan de zelfstandige en regelmatig bezoldigde zaakvoerders van die onderneming.</p>
<p>5.              Daarnaast heeft de heer Y bij X in eigen naam een verzekeringsovereenkomst afgesloten in het kader van het Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen, overeenkomstig de Programmawet (I) van 24 december 2002.</p>
<p><strong><span style="text-decoration: underline;"> </span></strong></p>
<p><strong>III. </strong> <strong>B</strong><strong> eslissing</strong></p>
<p><strong> </strong></p>
<p>6.              Overeenkomstig artikel 59, §1, 2°, WIB 92 kunnen de werkgeversbijdragen en -premies bedoeld in artikel 52, 3°, b), WIB 92 slechts als beroepskosten worden afgetrokken in zover de wettelijke en bovenwettelijke uitkeringen naar aanleiding van de pensionering, uitgedrukt in jaarlijkse renten, niet meer bedragen dan 80 pct. van de laatste normale bruto jaarbezoldiging en berekend op basis van de normale duur van een beroepswerkzaamheid.</p>
<p>7.              Overeenkomstig artikel 59, §4, eerste lid, WIB 92, moet, voor de werkgeversbijdragen en -premies die verband houden met aanvullende verzekeringen tegen ouderdom en vroegtijdige dood en met aanvullende pensioentoezeggingen, de begrenzing tot 80 pct., bedoeld in § 1, 2°, worden beoordeeld ten opzichte van het totale bedrag van de wettelijke pensioenen en van de op jaarbasis berekende extrawettelijke pensioenen. De extrawettelijke pensioen omvatten onder meer de pensioenen die met persoonlijke bijdragen als bedoeld in artikel 52, 7°bis WIB 92 of in artikel 145³ WIB 92 zijn gevormd.</p>
<p>8.              Overeenkomstig artikel 52, 7°bis, WIB 92 en artikel 45 van de programmawet (I) van 24 december 2002, worden de bijdragen van het vrij aanvullend pensioen van zelfstandigen als beroepskosten aangemerkt voor zover zij niet hoger zijn dan de maximale bijdrage die wordt bekomen met toepassing van de artikelen 44, §2 en 46, §1, van voormelde programmawet, en voor zover de aangeslotene tijdens het desbetreffende jaar effectief en volledig de bijdragen heeft betaald die hij verschuldigd is krachtens het sociaal statuut der zelfstandigen.</p>
<p>9.              Overeenkomstig artikel 35, §5, eerste lid, KB/WIB 92 wordt aan de verzekeringsondernemingen, voorzorgsinstellingen of de instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen de verplichting opgelegd een attest af te leveren, op basis van de door de belastingplichtige meegedeelde gegevens, bij de onderschrijving en bij elke wijziging van de in artikel 35, §1, 2°, KB/WIB 92 vermelde contracten,  waaruit blijkt dat de wettelijke en extrawettelijke uitkeringen naar aanleiding van de pensionering, uitgedrukt in jaarlijkse renten berekend naar de normale duur van een beroepswerkzaamheid, overeenkomstig artikel 59, WIB 92, niet meer bedragen dan 80% van de laatste normale bruto jaarbezoldiging.</p>
<p>10.          Overeenkomstig nr. 59/43, Com.IB. 92 en de circulaire Ci.RH.241/382.678 van 13 juli 1989 moet de 80%-grens in principe per onderneming worden beoordeeld, aangezien de werkgeversbijdragen slechts aftrekbaar zijn indien en in de mate dat zij een bijhorigheid vormen van de als beroepskosten aftrekbare bezoldigingen.</p>
<p>11.          In een parlementaire vraag van 7 februari 1990 (PV nr. 87 d.d. 07.02.1990, V&amp;A Senaat, 13.03.1990, blz. 1040-1041) werd door de heer Vanderborght aan de minister van Financiën voorgelegd of, bij de toepassing van de 80%-regel, de forfaitaire raming van het wettelijk pensioen slechts eenmaal per werknemer kan in acht genomen worden, zodat in geval een werknemer in twee verschillende ondernemingen een bezoldiging ontvangt en wanneer in beide ondernemingen een groepsverzekering van toepassing is, de bedoelde raming proportioneel over de beide ondernemingen moet worden opgedeeld in verhouding tot de bezoldigingen die aan elk moeten worden toegerekend. De minister heeft geantwoord dat in principe de voorgestelde oplossing kan worden bijgetreden.</p>
<p>12.          Gelet op het voorgaande, kan X bij de berekening van de 80%-begrenzing ex artikel 59, § 1, 2°, WIB 92 ten behoeve van het attest af te leveren voor de vennootschap A, in de situatie waarbij de heer Y wordt bezoldigd door de vennootschap A en de vennootschap B, diens wettelijk pensioen omdelen in functie van de verhouding tussen de bruto jaarbezoldiging in de vennootschap A over de totale bruto jaarbezoldigingen in beide ondernemingen (A+B).</p>
<p>13.          Ingevolge artikel 59, § 4, tweede lid, WIB 92, moet voor de toepassing van de 80%-begrenzing het VAPZ in de zin van artikel 45 van de Programmawet (I) van 24 december 2002, als extrawettelijke pensioen in rekening worden gebracht (zie ook PV Claes, Kamer, 14.01.2009, nr. 09/016).</p>
<p>14.          Ingevolge artikel 52, 7°bis, WIB 92 behoren tot de in artikel 52, 7°, WIB 92, bedoelde persoonlijke bijdragen ter uitvoering van de sociale wetgeving, de bijdragen als bedoeld in artikel 45 van de Programmawet (I) van 24 december 2002.</p>
<p>15.          X kan voor de berekening van de 80%-begrenzing ex artikel 59, § 1, 2°, WIB 92 ten behoeve van het attest af te leveren voor de vennootschap A, in de situatie waarbij de heer Y wordt bezoldigd door de vennootschap A en de vennootschap B, het VAPZ omdelen in functie van de verhouding tussen de bruto jaarbezoldiging in de onderneming A over de totale bruto jaarbezoldigingen in beide ondernemingen (A+B).</p>
<p>16.          Artikel 35, §5, tweede lid, KB/WIB 92 bepaalt dat de in artikel 35, §5, eerste lid, KB/WIB 92 bedoelde ondernemingen en instellingen tevens een attest afleveren telkens wanneer de bedoelde begrenzing van 80% wordt overschreden. In geval de bruto jaarbezoldigingen van de heer Y bij de vennootschap A en de vennootschap B wijzigen, zodat bijgevolg de proportionele verdeling van wettelijk pensioen en VAPZ over beide ondernemingen wijzigt, zal X gehouden zijn tot aflevering van een attest bedoeld in artikel 35, §5, eerste lid, WIB 92, wanneer deze wijziging in één van beide of in beide ondernemingen tot een overschrijding van de begrenzing van 80% leidt, bedoeld in artikel 59, §1, 2°, WIB 92.</p>
<p>17.          Gelet op wat voorafgaat, wordt beslist dat X bij de berekening van de 80%-regel bedoeld in artikel 59, §1, 2°, WIB 92, met betrekking tot het attest dat hij ingevolge artikel 35, § 5, eerste lid, KB/WIB 92 aflevert bij de onderschrijving van een individuele pensioentoezegging voor de vennootschap A, mag rekening houden met het wettelijk pensioen en het VAPZ van de heer Y, beperkt tot  het  proportioneel deel van de door deze vennootschap A aan de heer Y uitgekeerde bruto jaarbezoldigingen in de totale bruto jaarbezoldigingen van de heer Y uit de vennootschap A en de vennootschap B;</p>
<p>18.          Er wordt geen standpunt ingenomen met betrekking tot de fiscale aftrekbaarheid van de in de aanvraag beschreven extrawettelijke pensioenbijdragen ten name van de vennootschap A en de vennootschap B.</p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/10/regel-80-en-pensioentoezeggingen/">Regel 80% en pensioentoezeggingen</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Hof van Cassatie: 80% regel binnen en buiten de onderneming</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2010/07/hof-van-cassatie-80-regel-binnen-en-buiten-de-onderneming/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 19 Jul 2010 13:42:18 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Rechtspraak]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=1564</guid>

					<description><![CDATA[<p>Krachtens artikel 59 WIB92, zoals van toepassing voor het aanslagjaar 2001, worden de werkgeversbijdragen voor aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood als beroepskosten aangemerkt op voorwaarde dat de wettelijke en extrawettelijke toekenningen n.a.v. de pensionering, uitgedrukt in renten, niet meer bedragen dan 80 pct. van de laatste normale bruto jaarbezoldiging, en worden berekend naar [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/07/hof-van-cassatie-80-regel-binnen-en-buiten-de-onderneming/">Hof van Cassatie: 80% regel binnen en buiten de onderneming</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Krachtens artikel 59 WIB92, zoals van toepassing voor het aanslagjaar 2001, worden de werkgeversbijdragen voor aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood als beroepskosten aangemerkt op voorwaarde dat de wettelijke en extrawettelijke toekenningen n.a.v. de pensionering, uitgedrukt in renten, niet meer bedragen dan 80 pct. van de laatste normale bruto jaarbezoldiging, en worden berekend naar de normale duur van een beroepswerkzaamheid. Dezelfde wetsbepaling verleent aan de Koning de bevoegdheid om de voorwaarden en de wijze van toepassing van dit artikel te bepalen.</p>
<p>Krachtens artikel 35 KB WIB92 zijn de voormelde werkgeversbijdragen aftrekbaar in zoverre ze toekenningen vestigen die gelijk staan met een jaarrente waarvan het bedrag, aangevuld met het wettelijk pensioen, niet hoger is dan 80 pct. van de normale bruto jaarbezoldiging van de werknemers tijdens het betreffende jaar, vermenigvuldigd met een breuk met als teller het in de onderneming werkelijk gepresteerde en het er nog te presteren aantal jaren van de normale duur van de beroepswerkzaamheid en als noemer het aantal jaren van de normale duur van de beroepswerkzaamheid. Deze grens geldt niet voor bijdragen die gestort zijn om werknemers die bij de onderneming een onvolledige loopbaan hebben, een pensioen toe te kennen berekend in verhouding tot een langere duur van beroepswerkzaamheid dan die welke zij bij de onderneming zullen vervullen, op voorwaarde dat die bijdragen slaan op maximaal 10 jaar van een vroeger wettelijk uitgeoefende beroepswerkzaamheid of op maximaal 5 jaar van een tot de normale pensioenleeftijd nog uit te oefenen beroepswerkzaamheid en dat het aldus in aanmerking genomen aantal jaren het aantal jaren van de normale duur van hun beroepswerkzaamheid niet overtreft.</p>
<p>Door de invoering van voormeld artikel 35 KB WIB92 heeft de Koning, op grond van de hem door artikel 59 WIB92 verleende machtiging, voor de aftrekbaarheid van de werkgeversbijdragen een onderscheid gemaakt tussen de jaren gepresteerd in en deze buiten de onderneming, en hiermee een voorwaarde voor de aftrekbaarheid bepaald binnen de aan de Koning verleende bevoegdheid. De Koning heeft aldus door de invoering van voormeld artikel 35 de hem door artikel 59 WIB92 toegekende bevoegdheid niet overschreden. Het middel faalt naar recht.</p>
<p>Krachtens artikel 35 KB WIB92 is de aftrekbaarheid van de werkgeversbijdragen beperkt op grond van het aantal dienstjaren gepresteerd bij de onderneming, waarbij de jaren gepresteerd buiten de onderneming beperkt zijn tot maximaal 10 jaar. De verschillende behandeling van de aftrekbaarheid voor prestaties buiten de onderneming ten opzichte van deze binnen de onderneming die de bijdragen heeft gestort ten behoeve van zijn werknemers, is objectief en redelijk verantwoord.</p>
<p>Er bestaat immers in de context van artikel 49 WIB92 een objectief en redelijk verband tussen, enerzijds, de graad van aftrekbaarheid van de werkgeversbijdrage voor aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood, en, anderzijds, het aantal jaren beroepswerkzaamheid bij de onderneming. De vereiste band met de uitoefening van de beroepswerkzaamheid is niet aanwezig voor de periode waarin de betrokken werknemer een beroepswerkzaamheid heeft uitgeoefend bij andere ondernemingen dan degene die aanspraak maakt op het recht op aftrek. Gelet op de algemene aftrekbaarheidvoorwaarde waarin artikel 49 WIB92 voorziet, heeft de Koning wettig de aftrek van werkgeversbijdragen kunnen berekenen op grond van het aantal dienstjaren gepresteerd buiten de onderneming. Ook dit middel faalt naar recht.</p>
<p>Cass. 20 mei 2010, F.09.0076.N</p>
<p>Bron: Leergang Pensioenrecht 2009-2010, nr. 6, 8 juli 2010</p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/07/hof-van-cassatie-80-regel-binnen-en-buiten-de-onderneming/">Hof van Cassatie: 80% regel binnen en buiten de onderneming</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Loongrens 2009 voor 80% regel</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2010/06/loongrens-2009-voor-80-regel/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Fri, 04 Jun 2010 16:22:59 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Circulaire belastingadministratie]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=1545</guid>

					<description><![CDATA[<p>De bijdragen die de werkgever stort in een groepsverzekeringscontract of aan een pensioenfonds om voor zijn personeel een aanvullend pensioen op te bouwen, zijn aftrekbaar, zij het binnen een bepaalde grens en onder bepaalde voorwaarden. Die grens, bekend als de 80 %-grens, houdt in dat de extra-wettelijke pensioenen die door werkgeversbijdragen worden gevormd, tezamen met [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/06/loongrens-2009-voor-80-regel/">Loongrens 2009 voor 80% regel</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>De bijdragen die de werkgever stort in een groepsverzekeringscontract of aan een pensioenfonds om voor zijn personeel een aanvullend pensioen op te bouwen, zijn aftrekbaar, zij het binnen een bepaalde grens en onder bepaalde voorwaarden. Die grens, bekend als de 80 %-grens, houdt in dat de extra-wettelijke pensioenen die door werkgeversbijdragen worden gevormd, tezamen met het wettelijk pensioen, niet méér mogen bedragen dan 80 % van de laatste normale brutojaarbezoldiging.</p>
<p>Om de 80 %-grens te bepalen, telt dus ook het wettelijk pensioen mee. Volgens de fiscus kan het wettelijk pensioen forfaitair worden bepaald. Voor werknemers kan het wettelijk pensioen forfaitair worden vastgesteld op 50 % van de brutojaarbezoldiging die voor de berekening van het wettelijk pensioen in aanmerking wordt genomen. De brutojaarbezoldiging is wel begrensd. Die loongrens wordt per kalenderjaar vastgesteld.</p>
<p>De circulaire van 12 maart 2010 legt die loongrens voor werknemers voor inkomstenjaar 2009 vast op € 47.171,84. Het minimumpensioen voor zelfstandigen bedraagt € 10.485,68 en het maximumpensioen € 14.813,24.</p>
<h1><span id="more-1545"></span>Circulaire nr. Ci.RH.243/603.437 (AOIF Nr. 24/2010) dd 12.03.2010</h1>
<p><em>Personenbelasting</em></p>
<p><em>Vennootschapsbelasting</em></p>
<p><em>Beroepskosten</em></p>
<p><em>Groepsverzekering</em></p>
<p><em>Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering</em></p>
<p><em>Pensioenfonds</em></p>
<p><em>Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds</em></p>
<p><em>Belastingstelsel van de bijdragen gestort ter uitvoering van een aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood of van een aanvullende pensioentoezegging inzake een rust- en/of overlevingspensioen met het oog op de vorming van een rente of van een kapitaal :</em></p>
<p><em>&#8211;        vaststelling van het wettelijk rustpensioen waarmee rekening moet worden gehouden bij de berekening van het globaal bedrag van de toekenning bij leven dat gevestigd kan worden d.m.v. bijdragen die aftrekbaar zijn als beroepskosten;</em></p>
<p><em>&#8211;        indexering van de lopende renten.</em></p>
<p><em>Bedragen van toepassing voor het jaar 2009.</em></p>
<p>Aan alle ambtenaren van de niveaus A, B en C .</p>
<h2>INLEIDING</h2>
<p>1.       Deze circulaire geeft, voor het jaar 2009, de bedragen die van toepassing zijn inzake de beperking van de toekenningen bij leven die kunnen verzekerd worden door middel van bijdragen welke overeenkomstig artikel 59, WIB 92, als beroepskosten aftrekbaar zijn.</p>
<h2>GRENS VAN DE BRUTOBEZOLDIGINGEN &#8211; WETTELIJK RUST­PENSIOEN</h2>
<h3>A.       Werknemers</h3>
<p>2.       De in nr. 59/40 en 59/Bijlage/1, Com.IB 92, beoogde grens van de brutobezoldigingen die in aanmerking komen voor de vaststelling van het wettelijk rustpensioen, bedraagt voor het jaar 2009 47.171,84 EUR.</p>
<h3>B.       Bedrijfsleiders die aan het sociaal statuut van de zelfstandigen onderworpen zijn</h3>
<p>3.       Het wettelijk rustpensioen van de bedrijfsleiders die aan het sociaal statuut van de zelfstandigen onderworpen zijn, mag worden geraamd op 25 % van hun bruto-inkomen, zonder dat het resultaat lager of hoger mag zijn dan respectievelijk het jaarlijks vast te stellen minimum- of maximumpensioen (zie het nr. 3, circulaire nr. Ci.RH.243/563.402 van 3.8.2004).</p>
<p>4.       Voor het jaar 2009 bedraagt het wettelijk minimumpensioen 10.485,68 EUR; het maximumpensioen is vastgesteld op 14.813,24 EUR.</p>
<h2>INDEXERING VAN DE LOPENDE RENTEN</h2>
<p>5.       Met betrekking tot de in nr. 59/Bijlage/2, Com.IB 92, uiteengezette berekening van het maximumbedrag van de indexering, gelden voor het jaar 2009 de volgende bedragen (zie ook de nrs. 59/67 en 68, Com.IB 92) :</p>
<p>1°      beperking van het aanvangsbedrag van de lopende jaarrente : 69.663,06 EUR voor renten die in 2009 ingegaan zijn;</p>
<p>2°      indexeringscoëfficiënten met betrekking tot de voor het jaar 2009 verschuldigde renten :</p>
<table border="1" cellspacing="0" cellpadding="0" width="576">
<tbody>
<tr>
<td width="288" valign="top"></td>
<td width="288" valign="top">Indexeringscoëfficiënt</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1985 of vroeger</td>
<td width="288" valign="top">0,6084</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1986, 1987 of 1988</td>
<td width="288" valign="top">0,5460</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1989</td>
<td width="288" valign="top">0,5157</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1990</td>
<td width="288" valign="top">0,4859</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1991</td>
<td width="288" valign="top">0,4282</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1992</td>
<td width="288" valign="top">0,3728</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1993</td>
<td width="288" valign="top">0,3459</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1994</td>
<td width="288" valign="top">0,3195</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1995 of 1996</td>
<td width="288" valign="top">0,2936</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1997</td>
<td width="288" valign="top">0,2682</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">1998 of 1999</td>
<td width="288" valign="top">0,2434</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2000</td>
<td width="288" valign="top">0,2190</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2001</td>
<td width="288" valign="top">0,1951</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2002</td>
<td width="288" valign="top">0,1717</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2003</td>
<td width="288" valign="top">0,1487</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2004</td>
<td width="288" valign="top">0,1262</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2005</td>
<td width="288" valign="top">0,1041</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2006</td>
<td width="288" valign="top">0,0824</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2007 of  2008</td>
<td width="288" valign="top">0,0612</td>
</tr>
<tr>
<td width="288" valign="top">2009</td>
<td width="288" valign="top">0</td>
</tr>
</tbody>
</table>
<p>3°      toe te voegen bedrag (m.b.t. vóór 1992 ingegane renten) : 3.368,04 EUR, voor renten betaald in 2009.</p>
<p>NAMENS DE MINISTER :</p>
<p>Voor de Administrateur-generaal van de fiscaliteit d.d. :</p>
<p>De Eerste Attaché van financiën,</p>
<p>M. DE KEYSER</p>
<p>De Eerste Attaché van financiën,</p>
<p>D. DELVAUX</p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/06/loongrens-2009-voor-80-regel/">Loongrens 2009 voor 80% regel</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Aanvullend pensioenplan: voortzetting voor tijdelijke werklozen</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2010/06/aanvullend-pensioenplan-voortzetting-voor-tijdelijke-werklozen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Fri, 04 Jun 2010 15:42:19 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Circulaire belastingadministratie]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<category><![CDATA[Aftrekbaarheid]]></category>
		<category><![CDATA[Fiscaliteit]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=1535</guid>

					<description><![CDATA[<p>In een onlangs gepubliceerde ruling aanvaardt de Rulingcommissie dat een aanvullend pensioenplan van de tweede pijler (groepsverzekering, pensioenfonds, &#8230;) in een aantal situaties van arbeidsduurvermindering of zelfs van volledige schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst mag voortgezet worden alsof de betrokkene nog voltijds aan de slag was. Voorafgaande beslissing nr. 900.290 dd. 13.10.2009 Inkomstenbelasting [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/06/aanvullend-pensioenplan-voortzetting-voor-tijdelijke-werklozen/">Aanvullend pensioenplan: voortzetting voor tijdelijke werklozen</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>In een onlangs gepubliceerde ruling aanvaardt de Rulingcommissie dat een aanvullend pensioenplan van de tweede pijler (groepsverzekering, pensioenfonds, &#8230;) in een aantal situaties van arbeidsduurvermindering of zelfs van volledige schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst mag voortgezet worden alsof de betrokkene nog voltijds aan de slag was.</p>
<h1><span id="more-1535"></span>Voorafgaande beslissing nr. 900.290 dd. 13.10.2009</h1>
<p><em>Inkomstenbelasting</em></p>
<p><em>Beroepskosten</em></p>
<p><em>Bezoldiging</em></p>
<p><em>Toelage</em></p>
<p><em>Aftrek</em></p>
<h2>Samenvatting</h2>
<p>Wanneer in bepaalde gevallen de beroepsactiviteit wordt verminderd, mag voor de bepaling van de laatste normale brutojaarbezoldiging vermeld in artikel 59, §1, 2°, WIB 92 en 35, §5, 1ste lid, KB/WIB 92 en van de normale brutojaarbezoldiging vermeld in artikel 59, §1, 3°, WIB 92, behoudens in geval van misbruik, rekening worden gehouden met de bezoldiging die de werknemer zou hebben ontvangen indien hij voltijds was blijven werken. De werkgeversbijdragen gestort voor die periodes van verminderde beroepsactiviteit zijn als beroepskosten aftrekbaar op voorwaarde dat de betrokken verzekeringscontracten bepalen dat de werkgever verplicht is om voor die periodes de bijdragen in kwestie te blijven storten.</p>
<h2>I.        Voorwerp van de aanvraag</h2>
<p>1.              De aanvraag strekt ertoe bevestiging te verkrijgen dat:</p>
<p>1.1           voor het bepalen van de &#8220;laatste normale brutojaarbezoldiging&#8221; of &#8220;normale brutojaarbezoldiging&#8221; in de zin van artikel 59, §1, 2° en 3°, WIB 92, de (tijdelijk) verminderde bezoldiging die wordt toegekend tijdens welbepaalde periodes van schorsing of vermindering van de arbeidsprestaties, als &#8220;abnormaal&#8221; moet worden beschouwd zodat hiermee geen rekening kan worden gehouden en uitsluitend de (normale) bezoldiging die zou zijn toegekend indien die periodes zich niet zouden hebben voorgedaan, in aanmerking mag worden genomen;</p>
<p>1.2           de werkgeversbijdragen die verband houden met aanvullende pensioenverzekeringen en aanvullende verzekeringen voor arbeidsongeschiktheid en gestort zijn tijdens welbepaalde periodes van schorsing of vermindering van de arbeidsprestaties, volledig fiscaal aftrekbaar zijn wanneer bij de berekening van de maximale toekenning (80% en 100% grens van artikel 59, §1, 2°, en 3°, WIB 92) uitsluitend de normale bezoldiging in aanmerking genomen wordt, meer bepaald de bezoldiging die zou zijn toegekend indien de periodes van schorsing en vermindering zich niet zouden hebben voorgedaan.</p>
<h2>II.             Omschrijving van de verrichting</h2>
<p>2.              In het kader van de huidige economische crisis wordt de nv X geconfronteerd met talloze vragen van haar klanten tot aanpassing van de bestaande reglementen van aanvullende verzekeringen, in die zin dat ook tijdens welbepaalde periodes van schorsing van de arbeidsovereenkomsten (voltijds of deeltijds) het oorspronkelijke bedrag van de te storten premies ter financiering van die verzekeringen kan behouden worden.</p>
<p>3.              Overeenkomstig artikel 35, §5, KB/WIB 92 heeft de aanvrager immers de verplichting om een (nieuw) attest op te stellen en uit te reiken inzake het respecteren van de 80% grens bij wijziging van een collectief aanvullend pensioenplan. Eveneens is aanvrager ertoe gehouden om, bij de opmaak of de wijziging van de aanvullende verzekeringscontracten voor arbeidsongeschiktheid die zij aan haar klanten aanbiedt, rekening te houden met de 100% grens vermeld in artikel 59, §1, 3°, WIB 92 en ervoor te zorgen dat deze niet wordt overschreden teneinde de fiscale aftrekbaarheid van de werkgeversbijdragen in hoofde van haar klanten niet in het gedrang te brengen.</p>
<h2>III.     Beslissing</h2>
<p>4.              Krachtens artikel 52, 3°, b, WIB 92 worden, onder voorbehoud van het bepaalde in de artikelen 53 tot 66bis WIB 92 inzonderheid als beroepskosten aangemerkt, de werkgeversbijdragen en -premies, gestort ter uitvoering van.</p>
<p>4.1           een aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood voor het vestigen van een rente of een kapitaal bij  leven of overlijden;</p>
<p>4.2           een collectieve of individuele aanvullende pensioentoezegging inzake een rust- en/of overlevingspensioen, met het oog op de vorming van een rente of van een kapitaal bij leven of bij overlijden;</p>
<p>4.3           een solidariteitstoezegging als bedoeld in de artikelen 10 en 11 van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende  voordelen inzake sociale zekerheid;</p>
<p>4.4           een collectieve of individuele toezegging die moet worden beschouwd als een aanvulling van de wettelijke uitkeringen bij overlijden of arbeidsongeschiktheid door arbeidsongeval of ongeval ofwel beroepsziekte of ziekte.</p>
<p>5.              Overeenkomstig artikel 59, §1, WIB 92 kunnen de werkgeversbijdragen en -premies bedoeld in artikel 52, 3°, b, WIB 92 slechts als beroepskosten worden afgetrokken onder de volgende voorwaarden en binnen de volgende perken:</p>
<p>5.1           ze moeten definitief worden gestort aan een in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte gevestigde verzekeringsonderneming, voorzorgsinstelling of instelling voor bedrijfspensioenvoorzieningen;</p>
<p>5.2           de wettelijke en bovenwettelijke uitkeringen naar aanleiding van de pensionering, uitgedrukt in jaarlijkse renten, mogen niet meer bedragen dan 80 pct. van de laatste normale brutojaarbezoldiging en moeten worden berekend op basis van de normale duur van de beroepswerkzaamheid;</p>
<p>(…)</p>
<p>5.3           de wettelijke en aanvullende uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid, uitgedrukt in jaarlijkse renten, mogen niet meer bedragen dan de normale brutojaarbezoldiging;</p>
<p>5.4           de werkgever moet de bewijsstukken overleggen in de vorm en binnen de termijnen die de Koning bepaalt.</p>
<p>6.              Overeenkomstig artikel 34 KB/WIB 92 worden, voor de toepassing van de artikelen 52, 3°, b, en 59, WIB 92 verstaan onder:</p>
<p>6.1           normale brutojaarbezoldiging: het totale brutobedrag van al de sommen die, vóór aftrek van de verplichte inhoudingen ter uitvoering van de sociale wetgeving of van een ermede gelijkgesteld wettelijk of reglementair statuur, aan de werknemer anders dan uitzonderlijk of toevallig toegekend of betaald zijn gedurende een bepaald jaar (artikel 34, 1°, KB/WIB 92);</p>
<p>6.2           laatste normale brutojaarbezoldiging: de brutojaarbezoldiging die gelet op de vorige bezoldigingen van de werknemer als normaal kan worden beschouwd en die hem betaald of toegekend werd gedurende het laatste jaar vóór zijn oppensioenstelling waarin hij een normale beroepswerkzaamheid heeft gehad (artikel 34, 2°, KB/WIB 92).</p>
<p>7.              Overeenkomstig artikel 35, §1, 2°, KB/WIB 92 mogen de werkgeversbijdragen en -premies, bedoeld in artikel 52, 3°, b, WIB 92, als beroepskosten worden afgetrokken op voorwaarde dat die bijdragen en premies betaald worden ter uitvoering van:</p>
<p>7.1           ofwel een reglement van groepsverzekering dat beantwoordt aan de voorwaarden gesteld door de reglementering betreffende de controle van zulke reglementen;</p>
<p>7.2           ofwel een verzekeringscontract betreffende de toekenning van extra-wettelijke voordelen aan werknemers bedoeld bij de reglementering inzake het rust- en overlevingspensioen der werknemers;</p>
<p>7.3           ofwel het reglement van een pensioenfonds opgericht ten bate van het personeel van de onderneming en ingeschreven op de Controledienst voor de Verzekeringen of erkend bij koninklijk besluit;</p>
<p>7.4           ofwel een aanvullende pensioentoezegging die beantwoordt aan de voorwaarden die zijn gesteld door de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid;</p>
<p>7.5           ofwel een solidariteitstoezegging als bedoeld in de artikelen 10 en 11 van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid.</p>
<p>8.              Overeenkomstig artikel 35, §5, 1ste lid, KB/WIB 92 leveren de verzekerings-ondernemingen, de voorzorgsinstellingen of de instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen op basis van de door de belastingplichtige meegedeelde gegevens een attest af bij de onderschrijving en bij elke wijziging van de in §1, 2° van hetzelfde artikel vermelde contracten waaruit blijkt dat de wettelijke en extrawettelijke uitkeringen naar aanleiding van de pensionering, uitgedrukt in jaarlijkse renten en berekend naar de normale duur van een beroepswerkzaamheid, overeenkomstig artikel 59 WIB 92, niet meer bedragen dan 80 pct. van de laatste normale bruto jaarbezoldiging.</p>
<p>9.              Wanneer de arbeidstijd ingevolge sociale maatregelen wordt verminderd, mag, behoudens in geval van misbruik, voor de vaststelling van de laatste normale brutojaarbezoldiging, overeenkomstig nr. 59/33 Com. IB 92 rekening worden gehouden met de bezoldigingen die de werknemer zou hebben ontvangen indien hij voltijds was blijven werken. Het spreekt vanzelf dat de werkgeversbijdragen met betrekking tot de periodes van verminderde activiteit slechts als beroepskosten aftrekbaar zijn, indien het extra-wettelijk pensioenreglement bepaalt dat de werkgever verplicht is om voor die periodes dezelfde bijdragen in kwestie te blijven storten.</p>
<p>10.         Voor het berekenen van het aantal jaren van de normale duur van de beroepswerkzaamheid mogen (overeenkomstig nr. 59/35 Com. IB 92), niet werkelijk gepresteerde jaren (zoals bijvoorbeeld jaren van hoger onderwijs), niet als werkelijk gepresteerde jaren worden beschouwd. Jaren die tijdens de uitoefening van de beroepswerkzaamheid hiermee gelijkgesteld worden door het sociaal recht (bijvoorbeeld periodes van ziekte, werkloosheid, bevalling, enz.,) worden daarentegen wel als werkelijk gepresteerde jaren beschouwd.</p>
<p>11.         Op de parlementaire vraag nr. 7671 gesteld door dhr Dirk Van Der Maelen (CIRV 50 COM 802, blz. 15 en 16) antwoordt de Minister dat, wanneer de arbeidstijd wordt verminderd volgens de bepalingen uit CAO 77bis over de verminderde arbeidsprestaties voor werknemers van 50 jaar en ouder, behalve in geval van misbruik, voor de bepaling van de laatste, normale, bruto jaarbezoldiging rekening mag worden gehouden met de bezoldiging die de werknemer zou hebben ontvangen indien hij voltijds was blijven werken.</p>
<p>12.         Daarbij stelt de Minister dat het voor zich spreekt dat de werkgeversbijdragen voor de periodes van verminderde activiteit slechts als beroepskost aftrekbaar zin, indien het extrawettelijk pensioenreglement bepaalt dat de werkgever verplicht is om voor die periodes de bijdragen in kwestie te blijven storten.</p>
<p>13.         In het kader van de huidige economische crisisperiode, alsmede ingevolge sociale maatregelen, zijn ondernemingen genoodzaakt om over te gaan tot tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur en/of het arbeidsvolume door instelling van:</p>
<p>13.1       periodes van tijdelijke werkloosheid in de zin van de artikelen 49, 50 en 51 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten;</p>
<p>13.2       een halftijds brugpensioen voor werknemers van minstens 55 jaar (CAO nr. 55 van 13 juli 1993 tot instelling van een regeling van aanvullende vergoedingen voor sommige oudere werknemers, in geval van halvering van de arbeidsprestaties, gewijzigd door de CAO nr. 55 bis van 7 februari 1995 en nr. 55ter van 21 maart 1998);</p>
<p>13.3       een recht op tijdskrediet voor de voltijdse of deeltijdse werknemers met een minimumanciënniteit van een jaar in de onderneming die hen tewerkstelt (artikel 1, 1ste streepje, en 3 tot 5 van CAO nr. 77bis van 19 december 2001 tot vervanging van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77 van 14 februari 2001 tot invoering van een stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, gewijzigd door de CAO nr. 77ter van 10 juli 2002 en nr. 77quater van 30 maart 2007 &#8211; hierna CAO 77bis);</p>
<p>13.4       een veralgemeend systeem van 1/5de-loopbaanvermindering ten belope van 1 dag per week of 2 halve dagen voor de voltijdse werknemers die minimum 5 jaar anciënniteit hebben in de onderneming die hen tewerkstelt (artikel 1, 2de streepje, en 6 tot 8 van CAO nr. 77bis);</p>
<p>13.5       een recht op vermindering van de arbeidsprestaties in de vorm van een halftijdse onderbreking van de loopbaan voor de voltijdse werknemers boven de 50 jaar met een anciënniteit van 20 jaar als werknemer en een anciënniteit van 5 jaar in de onderneming die hen tewerkstelt alsook bijzondere regels voor deze werknemers wat betreft de toepassing van het veralgemeende systeem van 1/5de loopbaanvermindering (artikel 1, 3de streepje, en 9 tot 10 van CAO nr. 77bis);</p>
<p>13.6       een recht op palliatief verlof (KB 22 maart 1995 inzake palliatief verlof en houdende uitvoering van artikel 100bis, §4, van de Herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen en tot wijziging van het koninklijk besluit van 2 januari 1991 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen);</p>
<p>13.7       een recht op verlof voor bijstand of verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid (KB 10 augustus 1998 tot invoering van een recht op loopbaanonderbreking voor bijstand of verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid);</p>
<p>13.8       een recht op ouderschapsverlof (KB 29 oktober 1997 tot invoering van een recht op ouderschapsverlof in het kader van de onderbreking van de beroepsloopbaan);</p>
<p>13.9       een tijdelijke aanpassing van de arbeidsduur door vermindering van de arbeidsduur met een vierde of met een vijfde (titel 1 van de wet van 19 juni 2009 houdende diverse bepalingen over tewerkstelling in tijden van crisis &#8211; hierna Wet 19 juni 2009);</p>
<p>13.10   een tijdelijke individuele vermindering van de arbeidsprestaties met 1/5de of de helft (titel 2, hoofdstuk 2, afdeling 1, Wet 19 juni 2009);</p>
<p>13.11   een tijdelijke collectieve regeling van volledige of gedeeltelijke schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst (titel 2, hoofdstuk 3, Wet 19 juni 2009).</p>
<p>14.         De nv X wenst, op verzoek van haar klanten, over te gaan tot het aanbieden van nieuwe en/of aanpassen van bestaande contracten inzake aanvullende verzekeringen zodat, wanneer de beroepsactiviteit wordt verminderd in de gevallen vermeld onder punt 13.1 tot 13.11, enerzijds, de werkgever verplicht is om voor die periodes de werkgeversbijdragen en -premies te blijven storten en, anderzijds, voor de bepaling van de begrippen &#8220;laatste normale brutojaarbezoldiging&#8221; en &#8220;normale brutojaarbezoldiging&#8221;  rekening mag worden gehouden met de bezoldiging die de werknemer zou hebben ontvangen indien hij voltijds was blijven werken.</p>
<p>15.         Wanneer de beroepsactiviteit wordt verminderd in de gevallen vermeld onder punt 13.1 tot 13.11, mag voor de bepaling van de laatste normale brutojaarbezoldiging vermeld in artikel 59, §1, 2°, WIB 92 en 35, §5, 1ste lid, KB/WIB 92 en van de normale brutojaarbezoldiging vermeld in artikel 59, §1, 3°, WIB 92, behoudens in geval van misbruik, rekening worden gehouden met de bezoldiging die de werknemer zou hebben ontvangen indien hij voltijds was blijven werken.</p>
<p>16.         De werkgeversbijdragen gestort voor de periodes van voormelde verminderde beroepsactiviteit zijn als beroepskosten aftrekbaar op voorwaarde dat de betrokken verzekeringscontracten bepalen dat de werkgever verplicht is om voor die periodes de bijdragen in kwestie te blijven storten.</p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/06/aanvullend-pensioenplan-voortzetting-voor-tijdelijke-werklozen/">Aanvullend pensioenplan: voortzetting voor tijdelijke werklozen</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Aftrekbaarheid van de premietaksen</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2010/02/aftrekbaarheid-van-de-premietaksen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 14 Feb 2010 08:11:36 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Parlementaire vraag]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<category><![CDATA[Aftrekbaarheid]]></category>
		<category><![CDATA[Premietaks]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=1369</guid>

					<description><![CDATA[<p>Mevrouw de volksvertegenwoordiger Martine De Maght vroeg aan de minister van Financiën of de premietaksen van 4,40% een aftrekbare beroepskost vormen. De minister verwijst naar de 80% regel en verduidelijkt dat de jaarlijkse taks op de verzekeringsverrichtingen van 4.40% een integraal deel is van de werkgeversbijdragen en dus in principe als beroepskost aftrekbaar is. De [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/02/aftrekbaarheid-van-de-premietaksen/">Aftrekbaarheid van de premietaksen</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Mevrouw de volksvertegenwoordiger Martine De Maght vroeg aan de minister van Financiën of de premietaksen van 4,40% een aftrekbare beroepskost vormen.</p>
<p>De minister verwijst naar de 80% regel en verduidelijkt dat de jaarlijkse taks op de verzekeringsverrichtingen van 4.40% een integraal deel is van de werkgeversbijdragen en dus in principe als beroepskost aftrekbaar is.</p>
<p>De premietaks moet mee in beschouwing worden genomen bij de vaststelling van de 80% regel.</p>
<p><a href="http://www.pensionarchitects.be/wp-content/uploads/2010/02/20100201_52K0092.pdf">20100201_52K0092</a></p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2010/02/aftrekbaarheid-van-de-premietaksen/">Aftrekbaarheid van de premietaksen</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Bedragen 2008 voor de berekening van 80% grens</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2009/06/bedragen-2008-voor-de-berekening-van-80-grens/</link>
					<comments>https://www.pensionarchitects.be/en/2009/06/bedragen-2008-voor-de-berekening-van-80-grens/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 27 Jun 2009 07:23:45 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Circulaire belastingadministratie]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=1126</guid>

					<description><![CDATA[<p>De bijdragen aan een groepsverzekering of pensioenfonds kunnen slechts fiscaal in rekening gebracht worden als de 80%-grens wordt gerespecteerd. Een circulaire van 2 juni 2009 legt de bedragen vast die van toepassing zijn voor 2008. Circulaire nr. Ci.RH.243/597.430 (AOIF Nr. 30/2009) dd 02.06.2009 Beroepskosten. Groepsverzekering. Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering. Pensioenfonds. Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds. Belastingstelsel van [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2009/06/bedragen-2008-voor-de-berekening-van-80-grens/">Bedragen 2008 voor de berekening van 80% grens</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>De bijdragen aan een groepsverzekering of pensioenfonds kunnen slechts fiscaal in rekening gebracht worden als de 80%-grens wordt gerespecteerd. Een circulaire van 2 juni 2009 legt de bedragen vast die van toepassing zijn voor 2008.</p>
<h1><span id="more-1126"></span>Circulaire nr. Ci.RH.243/597.430 (AOIF Nr. 30/2009) dd 02.06.2009</h1>
<p>Beroepskosten.</p>
<p>Groepsverzekering.</p>
<p>Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering.</p>
<p>Pensioenfonds.</p>
<p>Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds.</p>
<p>Belastingstelsel van de bijdragen gestort ter uitvoering van een aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood of van een aanvullende pensioentoezegging inzake een rust- en/of overlevingspensioen, voor het vestigen van een rente of van een kapitaal :</p>
<p>&#8211;      vaststelling van het wettelijk rustpensioen waarmee rekening moet worden gehouden voor de berekening van de beperking van de totale maximumtoekenning bij leven die gevestigd kan worden d.m.v. bijdragen die aftrekbaar zijn als beroepskosten;</p>
<p>&#8211;      indexering van de lopende renten.</p>
<p>Aan alle ambtenaren van de niveaus A, B en C.</p>
<h1>Bedragen van toepassing voor het jaar 2008.</h1>
<h2>INLEIDING</h2>
<p>1.                Deze circulaire geeft, voor het jaar 2008, de bedragen die van toepassing zijn inzake de beperking van de toekenningen bij leven die kunnen verzekerd worden door middel van bijdragen welke overeenkomstig artikel 59, WIB 92, als beroepskosten aftrekbaar zijn.</p>
<h2>GRENS VAN DE BRUTOBEZOLDIGINGEN &#8211; WETTELIJK RUSTPENSIOEN</h2>
<h3>A.       Werknemers</h3>
<p>2.                De in nr. 59/40 en 59/Bijlage/1, Com.IB 92, beoogde grens van de brutobezoldigingen die in aanmerking komen voor de vaststelling van het wettelijk rustpensioen, bedraagt voor het jaar 2008 46.895,18 EUR.</p>
<h3>B.              Bedrijfsleiders die aan het sociaal statuut van de zelfstandigen onderworpen zijn</h3>
<p>3.                Het wettelijk rustpensioen van de bedrijfsleiders die aan het sociaal statuut van de zelfstandigen onderworpen zijn mag worden geraamd op 25 % van hun bruto-inkomen, zonder dat het resultaat lager of hoger mag zijn dan respectievelijk het jaarlijks vast te stellen minumum- of maximumpensioen (zie het nr. 3, circulaire nr. Ci.RH.243/563.402 van 3.8.2004).</p>
<p>4.                Voor het jaar 2008 bedraagt het wettelijk minimumpensioen 9.768,11 EUR; het maximumpensioen is vastgesteld op 14.307,14 EUR.</p>
<h2>INDEXERING VAN DE LOPENDE RENTEN</h2>
<p>5.                Met betrekking tot de in nr. 59/Bijlage/2, Com.IB 92, uiteengezette berekening van het maximumbedrag van de indexering, gelden voor het jaar 2008 de volgende bedragen (zie ook de nrs. 59/67 en 68, Com.IB 92) :</p>
<p>1°             beperking van het aanvangsbedrag van de lopende jaarrente : 65.645,16 EUR voor renten die in 2008 ingegaan zijn;</p>
<p>2°             indexeringscoëfficiënten met betrekking tot de voor het jaar 2008 verschuldigde renten :</p>
<table class="MsoNormalTable" style="border: medium none; margin-left: 60.2pt; border-collapse: collapse;" border="1" cellspacing="0" cellpadding="0">
<thead>
<tr>
<td style="border: 1pt solid windowtext; padding: 0cm 3.5pt; width: 212.6pt;" width="283" valign="top">
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: center;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">Renten ingegaan in</span></p>
</td>
<td style="padding: 0cm 3.5pt; width: 216.1pt; border: 1pt 1pt 1pt medium solid solid solid none windowtext windowtext windowtext -moz-use-text-color;" width="288" valign="top">
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: center;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">Indexeringscoëfficiënt</span></p>
</td>
</tr>
</thead>
<tbody>
<tr>
<td style="padding: 0cm 3.5pt; width: 212.6pt; border: medium 1pt 1pt none solid solid -moz-use-text-color windowtext windowtext;" width="283" valign="top">
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1985 of vroeger</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1986, 1987 of 1988</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1989</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1990</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1991</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1992</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1993</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1994</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1995 of 1996</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1997</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">1998 of 1999</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">2000</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">2001</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">2002</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">2003</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">2004</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">2005</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">2006</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">2007 of <span style="background: silver none repeat scroll 0% 0%;"> 2008</span></span></p>
</td>
<td style="padding: 0cm 3.5pt; width: 216.1pt; border: medium 1pt 1pt medium none solid solid none -moz-use-text-color windowtext windowtext -moz-use-text-color;" width="288" valign="top">
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,6084</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,5460</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,5157</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,4859</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,4282</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,3728</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,3459</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,3195</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,2936</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,2682</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,2434</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,2190</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,1951</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,1717</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,1487</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,1262</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,1041</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,0824</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 3pt 0cm; text-align: justify;"><span style="font-size: 8.5pt; font-family: Verdana; letter-spacing: -0.15pt;">0,0612</span></p>
</td>
</tr>
</tbody>
</table>
<p>3°    toe te voegen bedrag (m.b.t. vóór 1992 ingegane renten) : 3.368,04 EUR, voor renten betaald in 2008.</p>
<p>NAMENS DE MINISTER :</p>
<p>Voor de Administrateur</p>
<p>Kleine en Middelgrote Ondernemingen :</p>
<p>De Eerste Attaché van financiën,            De Eerste Attaché van financiën,</p>
<p>M. DE KEYSER,                                            D. DELVAUX</p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2009/06/bedragen-2008-voor-de-berekening-van-80-grens/">Bedragen 2008 voor de berekening van 80% grens</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.pensionarchitects.be/en/2009/06/bedragen-2008-voor-de-berekening-van-80-grens/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Aftrekbaarheid van bijdragen aanvullend pensioen</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2009/05/aftrekbaarheid-van-bijdragen-aanvullend-pensioen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 30 May 2009 06:20:19 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Rechtspraak]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://www.pensionarchitects.be/?p=1075</guid>

					<description><![CDATA[<p>Exiger, pour la déduction des cotisations et primes patronales visées à l’article 52, 3, b du CIR92, la preuve que les sommes en question ont été payées dans le but de continuer à percevoir des revenus professionnels, revient à ajouter à la loi une condition qu’elle n’énonce pas expressément. La prime patronale unique d’assurance-groupe versée [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2009/05/aftrekbaarheid-van-bijdragen-aanvullend-pensioen/">Aftrekbaarheid van bijdragen aanvullend pensioen</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Exiger, pour la déduction des cotisations et primes patronales visées à l’article 52, 3, b du CIR92, la preuve que les sommes en question ont été payées dans le but de continuer à percevoir des revenus professionnels, revient à ajouter à la loi une condition qu’elle n’énonce pas expressément. La prime patronale unique d’assurance-groupe versée par une société à un moment où il était acquis qu’elle allait être dissoute à brève échéance, est par conséquent déductible, dès lors qu’elle satisfait aux conditions prévues aux articles 52, 3°, b, 59 (règle des « 80 % ») et 195 du CIR92 et aux articles 34 et 35 de l’AR/CIR92.</p>
<p>Rb Luik 15 maart 2007, Fiscale Jurisprudentie 2009, afl. 4, 272.</p>
<p>Bron: Leergang Pensioenrecht 2008-2009, nr. 5</p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2009/05/aftrekbaarheid-van-bijdragen-aanvullend-pensioen/">Aftrekbaarheid van bijdragen aanvullend pensioen</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Pensioen of gewone belegging?</title>
		<link>https://www.pensionarchitects.be/en/2009/02/pensioen-of-gewone-belegging/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[ivan]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 25 Feb 2009 11:09:32 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Rechtspraak]]></category>
		<category><![CDATA[80% regel]]></category>
		<category><![CDATA[Fiscaliteit]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://pensionarchitects.wordpress.com/?p=398</guid>

					<description><![CDATA[<p>Volgens de belastingplichtige werd een groepsverzekering met intentie van pensioenopbouw in het voordeel van de bedrijfsleider of van zijn rechthebbenden afgesloten, waarbij voldaan werd aan alle voorwaarden van art. 52, 3°, b en art. 59 WIB92. De fiscus verdedigde de stelling dat het contract weliswaar alle uiterlijke kenmerken van een &#8220;verzekeringscontract&#8221; draagt maar echter op [&#8230;]</p>
Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2009/02/pensioen-of-gewone-belegging/">Pensioen of gewone belegging?</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Volgens de belastingplichtige werd een groepsverzekering met intentie van pensioenopbouw in het voordeel van de bedrijfsleider of van zijn rechthebbenden afgesloten, waarbij voldaan werd aan alle voorwaarden van art. 52, 3°, b en art. 59 WIB92.</p>
<p>De fiscus verdedigde de stelling dat het contract weliswaar alle uiterlijke kenmerken van een &#8220;verzekeringscontract&#8221; draagt maar echter op einddatum enkel verplicht de gekapitaliseerde premies dienen terugbetaald te worden, naast uitvoering van de andere in het contract vermelde bepalingen. De verzekerde heeft dus geen enkel recht op prestatie, nu het uitgekeerde enkel bestaat uit het gekapitaliseerde bedrag, en dat de begunstigde, zowel bij leven als bij overlijden, enkel het spaartegoed krijgt en geen risicokapitaal bij overlijden.</p>
<p>De Rechtbank stelde vast dat in de voorliggende situatie het contract hoe dan ook slechts retournering bepaalt van de gekapitaliseerde premies. In zoverre er immers al een alea aanwezig is, wordt het geneutraliseerd door de werking van het voorliggend contract. Het gaat voorts niet om een pensioenregeling voor de bedrijfsleider in de zin van de wet, nu er geen pensioentoezegging voorligt, wat onderzoek naar de andere wettelijke voorwaarden in dit verband zonder voorwerp maakt.</p>
<p>Rb. Antwerpen 16 januari 2008, Fiscalnet 14 november 2008</p>
<p>Bron: Leergang Pensioenrecht 2008-2009, nr. 3</p>Het bericht <a href="https://www.pensionarchitects.be/en/2009/02/pensioen-of-gewone-belegging/">Pensioen of gewone belegging?</a> verscheen voor het eerst op <a href="https://www.pensionarchitects.be/en">Pension Architects</a>.]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
